Governancedocumenten bij een woningcorporatie

De governance van een woningcorporatie staat voor een groot deel in de wet. De Woningwet schrijft voor wat er in de statuten moet staan, hoe lang iemand mag blijven en welke besluiten goedkeuring nodig hebben. Die eisen komen bovenop het gewone rechtspersonenrecht; het algemene deel staat bij Eisen aan de statuten.
Voor bestuurders, commissarissen en bestuurssecretarissen van een toegelaten instelling.
Wat er anders is dan bij andere organisaties
Bij een gewone stichting bepaalt de akte veel zelf. Bij een toegelaten instelling is dat andersom. De Woningwet legt op een aantal punten dwingend vast wat elders vrij is. Het werkdomein, de benoemingstermijnen, de goedkeuringsrechten van de raad van commissarissen en de rol van de minister.
Dat maakt de toets scherper. Een statutaire bepaling die van de Woningwet afwijkt, is niet ongelukkig geformuleerd maar in strijd met de wet.
Wat de Woningwet van uw documenten vraagt
| Onderwerp | Wat de wet zegt |
|---|---|
| Statutair werkdomein | De statuten bepalen dat de instelling uitsluitend werkzaam is op het gebied van de volkshuisvesting, omschreven volgens artikel 45 (artikel 23 Woningwet) |
| Benoemingstermijn bestuurder | Ten hoogste vier jaar, telkens verlengbaar met ten hoogste vier jaar (artikel 25 lid 3) |
| Schorsing en ontslag bestuurder | Te allen tijde mogelijk door de raad van commissarissen (artikel 25 lid 8) |
| Zittingsduur commissaris | Ten hoogste vier jaar per benoeming, in totaal ten hoogste acht jaar bij dezelfde instelling (artikel 30 lid 4) |
| Onafhankelijkheid commissaris | Deskundig, zonder persoonlijk belang in de instelling of verbonden ondernemingen, met onverenigbaarheden (artikel 30 lid 5 en 6) |
| Bindende voordracht huurdersorganisaties | Begrensd geregeld (artikel 30 lid 10 onder a en lid 11) |
| Goedkeuring raad van commissarissen | Onder meer bij overdracht van de onderneming, aangaan of verbreken van duurzame samenwerking en statutenwijziging (artikel 26 lid 1) |
| Goedkeuring van de minister | Bij verbinding met een andere rechtspersoon (artikel 21 lid 1) en bij wijziging van de volkshuisvestingsbepalingen (artikel 23) |
| Klachtenreglement | Een door de minister aangewezen reglement is van rechtswege van toepassing (artikel 55b lid 3); daarnaast reglementen over sloop en renovatie (artikel 55b lid 1) |
| Scheiding DAEB en niet-DAEB | Gescheiden administratie van activa en passiva (artikel 49 lid 1) |
| Visitatie | Ten minste eens per vier jaar onderzoek door een aangewezen onafhankelijke instantie (artikel 53a) |
Daarbovenop valt de toegelaten instelling onder de WNT. Bezoldiging blijft binnen het toepasselijke maximum en de klasse-indeling wordt jaarlijks herijkt. De verantwoording staat in de jaarstukken en op internet, zeven jaar toegankelijk (artikel 4.1 en 4.2 WNT).
De zienswijze: het punt waar governance woningcorporatie het meest misgaat
Vóór elke benoeming van een bestuurder of commissaris vraagt de raad van commissarissen de minister om een zienswijze op geschiktheid en betrouwbaarheid. Dat staat in artikel 25 lid 2 voor bestuurders en artikel 30 lid 3 voor commissarissen.
Het rechtsgevolg is streng. Artikel 25 lid 2 verbindt aan een benoeming zonder positieve zienswijze een sanctie op de benoeming zelf. Wie dus eerst benoemt en daarna toetst, heeft een probleem dat niet met terugwerkende kracht op te lossen is.
In de praktijk gaat het zelden mis bij een geplande werving. Het gaat mis bij haast: een interim-benoeming, een waarnemer die blijft, een herbenoeming die in de drukte doorschuift.
De huurdersorganisatie is een partij met eigen rechten
De Wet op het overleg huurders verhuurder geeft de huurdersorganisatie een eigen positie. Informatie op verzoek staat in artikel 3. Uit eigen beweging informeren over voornemens tot wijziging in artikel 4. En artikel 5 verbiedt uitvoering van een voornemen voordat er ten minste zes weken gelegenheid tot overleg is geboden.
Die termijn is geen richtlijn. Wie hem overslaat, heeft een besluit genomen dat aantastbaar is. Leg daarom in het informatieprotocol vast wanneer de huurdersorganisatie in beeld komt. Voordat het bestuur een voornemen vaststelt, niet erna.
De bindende voordracht van huurdersorganisaties voor de raad van commissarissen is een tweede punt. Die moet statutair correct begrensd zijn: bindend, maar binnen de grenzen die artikel 30 lid 10 en 11 stellen.
Wat er in de praktijk het vaakst niet klopt
De statuten omschrijven het werkdomein te ruim. Artikel 23 vraagt een omschrijving die aansluit op artikel 45. Een ruime doelomschrijving uit een oudere akte voldoet daar niet aan.
De achtjaarsgrens wordt per benoeming geteld. De wet telt de totale periode bij dezelfde instelling, aaneengesloten of niet.
De goedkeuringslijst van de raad van commissarissen is korter dan artikel 26. De wet noemt de besluiten; de statuten mogen daar niet onder blijven.
Het klachtenreglement is zelf geschreven. Voor de toegelaten instelling geldt van rechtswege het door de minister aangewezen reglement. Een eigen versie ernaast levert twee routes op en dus verwarring.
De scheiding tussen DAEB en niet-DAEB staat in de administratie maar niet in de governance. De vraag wie waarover besluit, is dan niet beantwoord.
Veelgestelde vragen
Geldt de Governancecode Woningcorporaties verplicht?
De code 2025 van Aedes en de Vereniging van Toezichthouders in Woningcorporaties geldt sinds 1 januari 2025. Zij volgt de code 2020 op. Zij kent vetgedrukte bepalingen die zonder meer worden toegepast, en overige bepalingen volgens pas toe of leg uit. Afwijkingen verantwoordt u.
Mag een commissaris na acht jaar terugkomen?
Nee, niet bij dezelfde toegelaten instelling. De wet telt de totale periode, aaneengesloten of niet (artikel 30 lid 4 Woningwet).
Wanneer vragen wij de zienswijze aan?
Vóór de benoeming, ook bij een herbenoeming en ook bij een interim-bestuurder. De raad van commissarissen doet dat verzoek zelf.
Welke besluiten hebben goedkeuring van de minister nodig?
Onder meer het aangaan van een verbinding met een andere rechtspersoon (artikel 21 lid 1). En wijziging van de statutaire volkshuisvestingsbepalingen (artikel 23). Benoem die besluiten in de statuten, dan wordt de stap niet overgeslagen.
Hoe vaak moet de corporatie gevisiteerd worden?
Ten minste eens per vier jaar (artikel 53a Woningwet). De uitvoering loopt via de Stichting Visitatie Woningcorporaties Nederland en de door haar geaccrediteerde bureaus. Het rapport wordt openbaar gemaakt.
Wat moet er met de WNT-gegevens gebeuren?
Die staan in de jaarstukken, ook voor topfunctionarissen zonder dienstbetrekking. Daarnaast worden zij op internet openbaar gemaakt en zeven jaar toegankelijk gehouden.
Wat betekent de zes-wekentermijn van de Overlegwet praktisch?
Dat u een voornemen niet uitvoert voordat de huurdersorganisatie ten minste zes weken de gelegenheid tot overleg heeft gehad. Plan die termijn in het besluitvormingsschema, niet in de agenda van de laatste vergadering.
Verwante governancedocumenten
- Eisen aan de statuten
- Governancedocumenten in de zorg
- Het rooster van aftreden
- Klachten- en geschillenregelingen
- Governancedocumenten in het onderwijs
- Governancecodes buiten de zorg
In het woordenboek
Bronnen
- Woningwet, in het bijzonder de artikelen 21, 23, 25, 26, 30, 45, 49, 53a en 55b — wetten.overheid.nl
- Wet op het overleg huurders verhuurder, de artikelen 3, 4 en 5 — wetten.overheid.nl
- Wet normering topinkomens, de artikelen 1.1, 2.1, 2.3, 2.7, 2.10, 4.1 en 4.2, en de Uitvoeringsregeling WNT — wetten.overheid.nl
- Governancecode Woningcorporaties 2025, Aedes en de Vereniging van Toezichthouders in Woningcorporaties
Gecontroleerd op 8 september 2026.
Weet u of uw governancedocumenten kloppen?
De governance-scan toetst statuten, reglementen, roosters en jaarstukken, en kijkt ook of zij onderling kloppen.
Bekijk de governance-scan Gratis governance-check
Liever eerst zelf aan de slag? Kijk dan bij de gratis online instrumenten van C3.