Home » Governance-vragen uit de praktijk » Hoe maakt u van de zelfevaluatie van de raad van toezicht meer dan een afvinkoefening?

Hoe maakt u van de zelfevaluatie van de raad van toezicht meer dan een afvinkoefening?

Zelfevaluatie raad van toezicht: een auto op een brug in een werkplaats waar niemand eronder kijkt.
De zelfevaluatie van de raad van toezicht is een APK die u zelf uitvoert

De zelfevaluatie van de raad van toezicht wordt zinvol zodra u vooraf drie dingen afspreekt: wat het doel is, welke toezichtvisie eronder ligt, en wat er met de uitkomsten gebeurt. Zonder die afspraken is het onderzoek van de brancheorganisaties helder: twee tot vier uur per jaar, en afspraken uit de vorige ronde die niemand opvolgt.

Voor: voorzitters en leden van de raad van toezicht, en bestuurssecretarissen die de evaluatie voorbereiden.

Waar het over gaat

Op 3 februari 2025 bracht de Governance Innovatie- en Adviescommissie van de Brancheorganisaties Zorg een advies uit met een titel die niets aan de verbeelding overlaat: een rituele dans, of impactvolle zelfreflectie. Het advies leunt op onderzoek onder 182 toezichthouders, 50 bestuurders en zeven evaluatoren. De bevindingen zijn ongemakkelijk. De voorbereiding wordt gekenmerkt door onbewuste keuzes. Afspraken uit vorige evaluaties worden lang niet altijd opgevolgd. En de agenda wordt gevormd door onderwerpen waar de toezichthouders al een beeld bij hebben.

Dat laatste is de kern. Een zelfevaluatie is een APK die u zelf uitvoert: u rijdt de auto op de brug, u kiest welke onderdelen u nakijkt, en u schrijft zelf het keuringsrapport. Niemand kijkt eronder als u dat niet zelf doet.

Wat er verplicht is aan de zelfevaluatie van de raad van toezicht

Minder dan velen denken, maar wel harder dan gedacht.

  • Jaarlijks, zonder het bestuur erbij — bepaling 7.3.1 van de Governancecode Zorg 2022 verplicht tot evaluatie ten minste jaarlijks buiten aanwezigheid van de raad van bestuur, met vastlegging van de uitkomsten.
  • Eens per drie jaar extern begeleid — dezelfde bepaling. In het sociaal werk staat het in artikel 7.4b van de code van 2025, met daarbij de plicht om verbeteracties vast te leggen.
  • Het oordeel van het bestuur ophalen — 7.3.1 verplicht de raad van toezicht zich vooraf op de hoogte te stellen van de visie van de raad van bestuur op zijn functioneren, en achteraf te informeren over de uitkomst.
  • Elke twee jaar de samenwerking bespreken — bepaling 4.1.5, samen met het bestuur, met vastlegging van het resultaat. Dat is iets anders dan de zelfevaluatie.

De Wtza zegt er niets over. Het Uitvoeringsbesluit regelt samenstelling, onafhankelijkheid en informatievoorziening, maar het woord evaluatie komt er niet in voor. Wel verwachten de IGJ en de NZa in hun Kader Goed Bestuur dat de raad van toezicht minimaal jaarlijks openbaar verantwoording aflegt over zijn activiteiten.

Waar het in de praktijk misgaat

De eerste fout is de tijd. Twee tot vier uur per jaar is volgens de onderzoekers te weinig om te doen wat nodig is, en dat klopt met wat ik zie: een middag waarin de agenda al vaststaat en de moeilijke vraag net niet aan bod komt.

De tweede fout is de blinde vlek in de bronnen. De inbreng van externe belanghebbenden wordt volgens het onderzoek onvoldoende benut, en de maatschappelijke opgave van de organisatie wordt zelden expliciet gemaakt. Een raad van toezicht die alleen zichzelf bevraagt, hoort alleen wat hij al wist.

De derde fout is de evaluatie gebruiken als dossier. Zodra een zelfevaluatie het instrument wordt om disfunctioneren aan te kaarten, houdt iedereen zijn kaarten tegen de borst. De adviescommissie is daar uitgesproken over: de zelfevaluatie is gericht op ontwikkeling, niet op het aan de kaak stellen van disfunctioneren. Voor dat laatste bestaan andere routes.

Wat u deze week doet

Pak het verslag van de vorige zelfevaluatie erbij en streep aan welke afspraken zijn uitgevoerd. Dat kost tien minuten en zegt meer dan de hele volgende sessie. Bepaal daarna, vóór u een datum prikt, drie dingen op papier: het doel van deze ronde, de toezichtvisie waaraan u toetst, en de fase waarin de organisatie zit. Haal ten slotte één externe stem op: een cliëntenraad, een gemeente, een ketenpartner. Eén gesprek is genoeg om de agenda te veranderen.

Wat mij betreft is de driejaarlijkse externe begeleiding het minst interessante deel van deze verplichting. De winst zit in het doorlopende proces: kort terugkijken na elke lastige vergadering, en één keer per jaar de balans opmaken. Dat is precies wat de adviescommissie aanbeveelt.

Wanneer heeft uw raad van toezicht voor het laatst onder de auto gekeken?

Verwante begrippen

In het woordenboek

Verder lezen op deze site

Bronnen

  • Governance Innovatie- en Adviescommissie, Brancheorganisaties Zorg (2025). Advies zelfevaluatie raden van toezicht, 3 februari 2025. governancecodezorg.nl
  • Brancheorganisaties Zorg (2022). Governancecode Zorg 2022, bepalingen 4.1.5 en 7.3.1. governancecodezorg.nl
  • Sociaal Werk Nederland (2025). Governancecode Sociaal Werk 2025, artikel 7.4. sociaalwerknederland.nl
  • IGJ en NZa (2022). Kader toezicht op goed bestuur, mei 2022. igj.nl
  • NVTZ (2023). Handreiking verslag interne toezichthouder. nvtz.nl

Bijgewerkt op 20 augustus 2026. Codes veranderen; controleer bij een concreet traject altijd de versie die op uw organisatie van toepassing is.

Wilt u een evaluatie die wél iets oplevert?

C3 begeleidt evaluaties van raden van toezicht, ook de driejaarlijkse externe ronde. Hebt u eerst één concrete vraag — over de opzet, de rolverdeling of een vastgelopen verhouding — dan legt u die voor met de Dossiercoach: binnen drie werkdagen een schriftelijk advies, vaste prijs € 1.200.

Leg uw dossier voor Bekijk de workshop