Consortium
Een samenwerkingsverband waarin twee of meer zelfstandige organisaties zich voor een afgebakende opdracht of periode aan elkaar verbinden, zonder dat zij hun eigen rechtspersoonlijkheid opgeven.
Governance Woordenboek · Rechtsvorm, statuten en bevoegdheden · juridische stand augustus 2026
Een consortium is geen rechtsvorm. Boek 2 BW kent het begrip niet, en er bestaat geen wet die voorschrijft hoe een consortium eruitziet. Wie zegt dat zijn organisatie in een consortium zit, heeft juridisch dus een van drie dingen: alleen een samenwerkingsovereenkomst, een rechtspersoon die speciaal voor de samenwerking is opgericht, of — en dat is de riskante variant — een personenvennootschap die ongemerkt is ontstaan.
Die derde mogelijkheid wordt stelselmatig onderschat. Werken partijen voor gezamenlijke rekening en risico samen en brengt ieder daarin iets in, dan voldoet het verband al snel aan de omschrijving van de maatschap (art. 7A:1655 BW). Treedt het bovendien onder een gemeenschappelijke naam naar buiten en oefent het een bedrijf uit, dan is het een vennootschap onder firma en is elke deelnemer hoofdelijk verbonden voor alle verbintenissen van het verband (art. 18 WvK). Dat gebeurt van rechtswege: er is geen akte, geen besluit en geen inschrijving voor nodig.
In zorg en welzijn komt het consortium vooral voor bij aanbestedingen op grond van de Wmo 2015 en de Jeugdwet, bij regionale programma’s en transformatieopgaven, bij gezamenlijke inkoop of ICT, en bij het samen exploiteren van een voorziening. Bij een aanbesteding mag een combinatie van ondernemers gezamenlijk inschrijven. De aanbestedende dienst mag daarbij hoofdelijke aansprakelijkheid van alle combinanten verlangen en mag pas na gunning een bepaalde rechtsvorm eisen, niet al bij de inschrijving (art. 2.52 Aanbestedingswet 2012).
Het echte governancevraagstuk zit echter niet in de rechtsvorm maar in het toezicht. Een stuurgroep van bestuurders is geen intern toezicht. De raad van toezicht van elke deelnemer ziet zijn eigen organisatie, en op het geheel ziet vaak niemand. Bepaling 5.2.2 van de Governancecode Zorg 2022 vraagt goedkeuring van de raad van toezicht voor het aangaan of verbreken van een duurzame samenwerking van ingrijpende betekenis; dat is het moment waarop deze vraag op tafel hoort.
Ook wel: combinatie, alliantie.
Op wie is dit van toepassing?
Rechtsvormen
- Het consortium is zelf geen rechtsvorm; Boek 2 BW kent het begrip niet
- Zonder eigen rechtspersoon is het verband al snel een maatschap (art. 7A:1655 BW) of een vennootschap onder firma, met hoofdelijke verbondenheid van elke vennoot (art. 18 WvK)
- Wordt de samenwerking wel in een eigen rechtspersoon ondergebracht — doorgaans een stichting, een coöperatie of een besloten vennootschap — dan gelden daar de gewone regels van Boek 2 BW: eigen statuten, eigen bestuur en eigen toezicht
- Het wetsvoorstel modernisering personenvennootschappen is in augustus 2026 nog niet in werking; Boek 7A BW en het Wetboek van Koophandel gelden dus onverkort
- Een bestuurder die zowel de eigen organisatie als het consortium vertegenwoordigt, staat per definitie in een tegenstrijdig belang
Sectoren
Vooral jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning, waar gemeenten percelen aanbesteden die een aanbieder alleen niet aankan. Daarnaast bij regionale samenwerking in de curatieve en langdurige zorg, bij gezamenlijke inkoop en bij gedeelde ICT. Verleent het consortium zelf zorg, dan is het een zorgaanbieder met eigen verplichtingen op grond van de Wtza. Zijn de deelnemers elkaars concurrent, dan geldt bovendien het kartelverbod van art. 6 Mededingingswet.
Wat dit betekent in de praktijk
Stel bij elk consortium waar u in zit of aan begint vier vragen: wie mag namens het verband tekenen, wie draagt welk verlies, wie beslist bij staken van stemmen, en hoe komt u eruit. De laatste vraag is in de praktijk het vaakst niet beantwoord. Een exit- en geschillenregeling ontbreekt, terwijl juist die bepaalt wat er gebeurt zodra de samenwerking klemloopt.
Leg daarom vooraf vast welke informatie de raad van toezicht over de samenwerking ontvangt, hoe vaak wordt geëvalueerd en vanaf welk bedrag of welke reikwijdte goedkeuring nodig is. Neem die afspraak op in de statuten of in het reglement, niet alleen in de samenwerkingsovereenkomst: de overeenkomst bindt de partners, de statuten binden het orgaan.
Deze toelichting is algemene informatie en geen juridisch advies in een concreet geval. Voor een oordeel over uw eigen statuten, reglementen en besluitvorming is dossierkennis nodig.
Verwante begrippen
In het woordenboek
Verder lezen op deze site
Bronnen
- Brink-van der Meer, J. E., Huizink, J. B., & Van Leeuwen, B. H. A. (2022). Rechtspersoon, vennootschap en onderneming (6e druk, Studiereeks Burgerlijk Recht 7). Wolters Kluwer.
- Hamers, J. J. A., Schwarz, C. A., & Zaman, D. F. M. M. (Red.). (2018). Handboek stichting en vereniging (3e herziene druk). Uitgeverij Paris.
- Governancecode Zorg 2022 Bepaling 5.2.2, goedkeuring van het aangaan of verbreken van een duurzame samenwerking van ingrijpende betekenis.
- Wetboek van Koophandel Art. 18 WvK, hoofdelijke verbondenheid van de vennoten.
- Aanbestedingswet 2012 Art. 2.52, combinatie van ondernemers.
- Mededingingswet Art. 6, kartelverbod.
Boeken zijn vermeld volgens de APA-richtlijn; wetteksten verwijzen naar de geconsolideerde tekst op wetten.overheid.nl. Terug naar de index van het Governance Woordenboek.
Twijfelt u of dit bij u op orde is?
De governance-scan toetst statuten, reglementen en besluitvorming van uw organisatie aan wet, code en praktijk. U krijgt geen advies in algemene termen maar bevindingen op uw eigen documenten.