Faillissement van een zorgaanbieder
De insolventie van een zorginstelling en de bijzondere regels en verantwoordelijkheden die daarbij gelden voor de continuïteit van zorg.
Governance Woordenboek · Crisis, conflict en ingrijpen · juridische stand augustus 2026
Een zorgaanbieder gaat failliet zoals elke andere rechtspersoon: de rechtbank spreekt het faillissement uit en een curator beheert en vereffent de boedel. Het verschil zit in wat er niet in de boedel zit — de zorg zelf. De zorgplicht blijft bij de zorgverzekeraars op grond van de zvw en bij de zorgkantoren op grond van de wlz; zij moeten cliënten elders onderbrengen. De curator heeft die taak niet en heeft er ook de middelen niet voor.
Die spanning is scherp geworden bij de faillissementen van MC Slotervaart en de MC IJsselmeerziekenhuizen in 2018. Het onderzoek dat daarop volgde, leidde tot maatregelen om ongecontroleerde faillissementen te voorkomen, tot de IGJ-leidraad over continuïteit van zorg en jeugdhulp, en tot een handreiking voor curatoren.
Voor bestuurders is het aansprakelijkheidsrisico in deze fase het grootst. Art. 2:138 en 2:248 BW leggen bij kennelijk onbehoorlijk bestuur in de drie jaar voorafgaand aan het faillissement een hoofdelijke aansprakelijkheid voor het boedeltekort op, met een bewijsvermoeden als de administratie- of deponeringsplicht is geschonden. Zie onbehoorlijk bestuur en doorbraak van aansprakelijkheid.
Het besluit om zelf het faillissement aan te vragen is daarmee geen laatste redmiddel maar een governance-beslissing met eigen risico's. Zie continuïteit van zorg en vroegsignalering van discontinuïteit.
Ook wel: faillissement van een zorginstelling.
Op wie is dit van toepassing?
Rechtsvormen
- Rechtsvormneutraal: van toepassing bij elke rechtspersoon van Boek 2 BW; de rechtbank spreekt het faillissement uit en benoemt een curator
- De zorgplicht blijft bij zorgverzekeraars (Zvw) en zorgkantoren (Wlz), niet bij de curator
- Bestuurders zijn hoofdelijk aansprakelijk voor het boedeltekort bij kennelijk onbehoorlijk bestuur (art. 2:138 en 2:248 BW)
- Schending van de administratie- of deponeringsplicht levert een bewijsvermoeden op
Sectoren
Sterk sectorspecifiek. De faillissementen van MC Slotervaart en de MC IJsselmeerziekenhuizen in 2018 legden bloot dat de continuïteit van zorg niet vanzelf geregeld is. Daarop volgden maatregelen tegen ongecontroleerde faillissementen, de leidraad continuïteit van zorg en jeugdhulp, en een handreiking voor curatoren.
Wat dit betekent in de praktijk
Vanaf het moment dat betalingsonmacht in beeld komt, is de belangrijkste handeling het schriftelijk vastleggen van elke afweging: wat wist u wanneer, welke alternatieven zijn gewogen, wie is geïnformeerd. Dat dossier bepaalt later het verschil tussen een pijnlijke afloop en een persoonlijke aansprakelijkstelling.
Deze toelichting is algemene informatie en geen juridisch advies in een concreet geval. Voor een oordeel over uw eigen statuten, reglementen en besluitvorming is dossierkennis nodig.
Verwante begrippen
In het woordenboek
- Continuïteit van zorg
- Continuïteitsveronderstelling
- Vroegsignalering van discontinuïteit
- Onbehoorlijk bestuur
- Doorbraak van aansprakelijkheid
- Ontbinding en vereffening
Verder lezen op deze site
Bronnen
- Burgerlijk Wetboek Boek 2 (Rechtspersonen) Art. 2:138 en 2:248 BW (aansprakelijkheid bij faillissement).
- Faillissementswet Faillissementswet.
- Leidraad continuïteit van zorg en jeugdhulp (2022), IGJ en NZa Leidraad continuïteit van zorg en jeugdhulp (2022).
Boeken zijn vermeld volgens de APA-richtlijn; wetteksten verwijzen naar de geconsolideerde tekst op wetten.overheid.nl. Terug naar de index van het Governance Woordenboek.
Twijfelt u of dit bij u op orde is?
De governance-scan toetst statuten, reglementen en besluitvorming van uw organisatie aan wet, code en praktijk. U krijgt geen advies in algemene termen maar bevindingen op uw eigen documenten.