Home » Berichten » Besluitvorming » Professioneel leiderschap in de zorg: vijf tijdloze lessen uit “History of Management Thought”

Professioneel leiderschap in de zorg: vijf tijdloze lessen uit “History of Management Thought”

Door: Jef Hendrickx Datum: 16 februari 2026

Ik lees graag geschiedenisboeken. Misschien is het een illusie, maar ik denk dat ik door de geschiedenis soms beter het heden begrijp. En dan lees je een boek over de geschiedenis van managementdenken, en dan merk je hoe alles op een of andere manier lijkt terug te komen. Inzichten van managementgoeroes zijn niet altijd hun inzichten. Het kwadrant of de concentrische cirkels waren er vroeger niet bij maar sommige concepten komen toch wel erg bekend voor. Daarom zeker een aanrader.

Waarom is dit relevant voor de Nederlandse zorgsector? Bestuurders van zorginstellingen bevinden zich in een complexe werkelijkheid waarin medische kwaliteit, financiële houdbaarheid, personeelstekorten, veranderende wet- en regelgeving en maatschappelijke verwachtingen allemaal samenkomen. Juist in zo’n uitdagende context biedt het boek “History of Management Thought” van Vadim I. Marshev waardevolle inzichten. Het werk laat zien dat veel hedendaagse managementvraagstukken wortelen in eeuwen van denkontwikkeling. Door die historische lens te gebruiken, wordt zichtbaar welke principes blijvend relevant zijn en hoe bestuurders ze kunnen toepassen in hun eigen sturingspraktijk.

Management als professionele discipline

Een belangrijk uitgangspunt uit Marshev’s boek is dat management niet slechts een vaardigheid is die je ‘op gevoel’ ontwikkelt, maar een volwaardige professionele discipline. Door de geschiedenis heen is telkens gebleken dat organisaties beter functioneren wanneer bestuurders werken met systematische methoden, onderbouwde keuzes en een cyclische manier van sturen. Voor zorginstellingen betekent dit dat dashboards, kwaliteitsindicatoren, periodieke auditgesprekken, data‑analyse en PDCA‑cycli geen vrijblijvende instrumenten zijn, maar de ruggengraat van professioneel besturen. Het helpt bestuurders om verder te gaan dan symptoombestrijding door structureel inzicht te ontwikkelen in patronen: waar lopen processen vast, waar ontstaan risico’s en hoe kunnen verbeteringen duurzaam worden geborgd? In een sector waarin patiëntveiligheid en zorgkwaliteit centraal staan, is het hanteren van dergelijke evidence‑based sturingsprincipes geen luxe, maar een absolute noodzaak.

De kracht van menselijke relaties

Hoewel veel klassieke denkers het belang van structuur en efficiëntie benadrukten, werd al vroeg duidelijk dat organisaties vooral drijven op mensen. De School of Human Relations, die ook in Marshev’s overzicht uitgebreid aan bod komt, liet zien dat prestaties sterk samenhangen met motivatie, sociale cohesie en ervaren waardering. Voor de zorg is dit bijzonder relevant. Medewerkers werken in een omgeving met hoge emotionele belasting, toenemende administratieve druk en chronische tekorten. Bestuurders die investeren in een cultuur van vertrouwen, ruimte voor professionele autonomie en psychologische veiligheid, creëren omstandigheden waarin medewerkers beter kunnen floreren. Dat vraagt om andere gesprekken in de bestuurskamer: niet alleen over productieafspraken en begrotingen, maar ook over werkplezier, leiderschapsstijl, teamdynamiek en de ervaren werkdruk op de werkvloer. Wanneer medewerkers zich gehoord voelen, stijgt niet alleen de betrokkenheid, maar ook de kwaliteit van zorg.

De zorginstelling als samenhangend systeem

Een ander krachtig inzicht uit History of Management Thought is het systemisch denken: organisaties functioneren nooit als losse onderdelen, maar als een samenhangend geheel. Voor zorginstellingen betekent dat dat kwaliteit van zorg niet los gezien kan worden van hr-beleid, ict-systemen, vastgoedkeuzes, processen rondom medicatieveiligheid of de inrichting van de governance. Problemen die zich uiten bij cliënten of medewerkers, vinden vrijwel altijd hun oorsprong in onderliggende systeemfactoren. Denk aan een tekort aan verpleegkundigen dat samenhangt met roosterdruk, die op haar beurt te maken heeft met niet‑optimale planningsoftware, gebrekkige afstemming tussen teams of verouderde afspraken over taakverdeling. Bestuurders die integraal naar hun organisatie kijken, kunnen sneller structurele verbeteringen realiseren en voorkomen dat schijnoplossingen nieuwe problemen veroorzaken. Systemisch denken bevordert bovendien samenwerking tussen domeinen die traditioneel van elkaar gescheiden zijn.

Inspirerend en adaptief leiderschap

Marshev laat zien dat leiderschap door de eeuwen heen is geëvolueerd van autoritaire aansturing naar vormen waarin visie, inspireren en faciliteren centraal staan. Voor de Nederlandse zorg betekent dit dat bestuurders niet alleen toezichthouders van processen zijn, maar richtinggevende leiders die medewerkers meenemen in transities. Digitalisering, regionale samenwerking, integrale zorgmodellen en de beweging van ‘ziekte naar gezondheid’ vragen om leiders die verandering kunnen dragen en dragen laten. Adaptief leiderschap, waarin bestuurders snel kunnen schakelen tussen verschillende stijlen afhankelijk van de situatie, is essentieel. Een bestuurder die verbinding maakt met professionals, open communiceert over onzekerheden en medewerkers betrekt bij besluitvorming, vergroot de kans op succesvolle implementatie van veranderingen. Zeker in een sector waarin zorgprofessionals veel professionele zeggenschap hebben, is dit een kritische succesfactor.

Ethiek, publieke waarde en moreel kompas

Een van de krachtigste rode draden in History of Management Thought is het besef dat management altijd plaatsvindt in een bredere maatschappelijke context. Dit geldt bij uitstek voor de zorg. Bestuurders van zorginstellingen hebben niet alleen een organisatorische verantwoordelijkheid, maar een maatschappelijke opdracht: het waarborgen van goede, toegankelijke en betaalbare zorg. Dat vraagt om handelen vanuit waarden zoals rechtvaardigheid, menswaardigheid, inclusiviteit en transparantie. In discussies over kostenbeheersing, contractering met zorgverzekeraars of inrichting van de governance is het belangrijk om steeds terug te keren naar de publieke waarde die de organisatie wil leveren. Dit morele kompas helpt bestuurders om keuzes te maken die niet alleen efficiënt zijn, maar ook maatschappelijk verantwoord. In een tijd waarin het vertrouwen in zorgorganisaties onder druk staat, biedt waardengedreven leiderschap een krachtig tegenwicht.

Tijdloze lessen in een veranderende sector

Hoewel History of Management Thought voortkomt uit een rijke historische analyse, zijn de inzichten opvallend actueel voor bestuurders in de Nederlandse zorg. Professionalisering, mensgerichtheid, systeemdenken, inspirerend leiderschap en morele verantwoordelijkheid vormen samen een stevig fundament voor moderne zorggovernance. Door deze principes te integreren in de bestuurlijke praktijk ontstaan zorgorganisaties die beter in staat zijn om te leren, innoveren en in te spelen op de uitdagingen van vandaag en morgen. Het is precies dit soort reflectie en ontwikkeling waar de zorgsector op dit moment behoefte aan heeft.

professioneel-leiderschap-in-de-zorg-vijf-tijdloze-lessen-uit-history-of-management-thought

Lees ook het vorige artikel van Jef Hendrickx: Samenwerking en het recht op een onafhankelijke second opinion.

Referentie: Marshev, V. I. (2021). History of Management Thought: Genesis and Development from Ancient Origins to the Present Day. Springer.