Lessen uit het Zembla onderzoek naar 'Haagse bijbaantjes'

Lessen uit het Zembla onderzoek naar 'Haagse bijbaantjes'

Het BNN VARA programma Zembla ging in zijn uitzending van 12 november 2020 op onderzoek uit naar ‘Haagse Bijbaantjes’. De Tweede Kamer heeft een integriteitsregister waar haar leden hun nevenfuncties moeten melden. Zembla onderzocht of ze dat ook volledig doen.
Als je de vooraankondiging las en naar het begin van de uitzending keek, dacht je dat het verhaal zou gaan over Trumpiaanse toestanden aan de Hofvijver. Dat viel erg mee (of tegen als je politici per definitie wantrouwt). Van de 150 Kamerleden hadden er 33 iets niet correct in het register gemeld. Dus 127 (84,5%) Kamerleden hadden zich netjes aan de regels gehouden. De meeste onjuiste vermeldingen van die 33 waren klungelige fouten of interpretatieverschillen. Ik kom daar nog op terug.
Ik heb de uitzending bekeken en de achterliggende documenten gelezen. Zie de volgende links:

https://www.bnnvara.nl/zembla/artikelen/haagse-bijbaantjes

https://www.bnnvara.nl/zembla/artikelen/complete-lijst-kamerleden-die-in-de-fout-gingen-met-melden-nevenfuncties

https://www.tweedekamer.nl/sites/default/files/atoms/files/integriteitsregels_voor_kamerleden.pdf

Er zijn een paar zaken, die me tegenvallen, maar ook zaken, die meevallen. Zeker is dat er lessen uit het onderzoek te halen zijn voor bestuurders en toezichthouders van maatschappelijke organisaties. Ik ga in het navolgende op de verschillende onderwerpen in.

Het eerste dat me tegenvalt, is dat Zembla zich niet aan zijn eigen onderzoeksopdracht houdt. Zembla wilde het register van nevenactiviteiten van Kamerleden op juistheid en volledigheid controleren. Dat hebben ze gedaan, maar vervolgens hebben ze er allerlei andere zaken bij gehaald, die buiten de onderzoeksopdracht vallen. Zo spreken ze een Kamerlid er (streng) op aan dat hij geen jaarstukken heeft gedeponeerd van een rechtspersoon, waarvan hij bestuurder is. Een ander Kamerlid wordt erop aangesproken dat zij pensioengeld heeft gebruikt om schulden af te betalen. Van weer een ander Kamerlid wordt vastgesteld dat zij een tweede huis heeft en verhuurt, terwijl dit in strijd is met de visie van haar partij. Zembla gaat langs bij een pand, dat eigendom is van een Kamerlid, om te checken of de huurster wel huur betaalt (hetgeen het geval is). De geïnterviewde deskundigen spreken daar schande van en vooral de geraadpleegde accountant heeft het voortdurende over ‘economisch delict’. Dat mag allemaal waar zijn, maar is niet relevant voor het onderzoek naar de compleetheid van het register. Geen van de drie geraadpleegde hoogleraren wijst op deze methodologische missers. Het is raar dat een onderzoek naar een integriteitsregister zelf niet integer is. De journalisten van Zembla lijken er van alles bij te halen om het probleem maar ernstig genoeg te maken.

Het tweede dat me tegenvalt is dat de Tweede Kamer geen voorbeeld is van het goed omgaan met integriteitsregels. Het document ‘Regelingen Integriteit’ is een erg ingewikkeld juridisch document dat geen duidelijke regels bevat wat wel en niet mag. Onder hoofdstuk 3 staat ‘de leden dienen opgave te doen van hun nevenactiviteiten en -inkomsten, belangen die redelijkerwijs als relevant kunnen worden beschouwd….’. Dat is een nogal vage formulering, wat is relevant en wie bepaalt dat? Verderop staat ‘de werkgroep heeft de volgende vuistregel gegeven: als een willekeurige toeschouwer zonder veel omwegen zou kunnen denken dat een bepaalde private omstandigheid van een lid van invloed is op diens stellingname in een publiek vraagstuk, kan het raadzaam zijn (deze) omstandigheid in het register te doen opnemen’. Dit is een inperking van het begrip ‘relevant’. Op die passage beroept Baudet zich indirect in de uitzending. Omdat ‘zijn mening niet beïnvloed wordt als hij van iemand een reep chocola krijgt’ vindt hij dat hij zijn bv voor royalty’s van boeken en lezingen niet hoeft te laten opnemen in het register. (Beide FvD’ers weigeren overigens hun inkomsten uit andere functies in het register te zetten.)
De Regelingen Integriteit zijn mede gebaseerd op het rapport van de werkgroep Integriteit uit 2018. Opvallend is dat de aanbevelingen 8 en 9 van de werkgroep Integriteit niet zijn overgenomen. Die aanbevelingen gingen over het jaarlijks leren en evalueren van integriteitsvraagstukken onder leiding van een externe deskundige en op grond daarvan bijstellen van de regels. Dat wilde de Tweede Kamer dus niet, leren van eigen ervaringen.

Zembla constateert terecht dat er niemand controleert of het Register compleet is. Het Presidium van de Tweede Kamer wil dat niet, omdat de algemene opvatting in de Kamer is dat Kamerleden elkaar niet moeten controleren. Maar waarom controleert bij voorbeeld de Algemene Rekenkamer het register dan niet als onafhankelijke instantie?
Voor zover ik kan nagaan heeft de Tweede Kamer ook geen compliance officer, die bijhoudt of de Kamer als orgaan en haar leden zich aan de wet houden. Bij zo iemand kun je ook terecht met de vraag of iets wel of niet in het register moet.
De Tweede Kamer heeft kennelijk moeite om haar eigen integriteit te regelen. Volgens Zembla heeft de Europese Integriteitswaakhond GRECO 8 jaar druk moeten uitoefenen voordat de Kamer integriteitsregels maakte.
Eigenlijk vind ik het veel zorgelijker dat de Tweede Kamer niet een goed systeem voor integriteitsbewaking heeft en dat kennelijk ook niet belangrijk vindt, dan de individuele gevallen, die Zembla aan het licht brengt.

Wat me erg meevalt is de zwaarte van de niet geregistreerde nevenactiviteiten. Zoals gezegd zijn er 21 Kamerleden, die een nevenfunctie niet gemeld hebben. 14 daarvan hebben direct na de constatering van Zembla de registratie aangepast. Het gaat deels om ‘slapende’ bedrijven voor werk dat Kamerleden voor hun lidmaatschap deden en na hun aftreden mogelijk weer willen oppakken. Nogal vaak komt voor dat iemand ergens al jaren geleden gestopt is, maar door de betreffende organisatie niet is uitgeschreven uit het Handelsregister. Dan klopt het dat de functie niet in het register van de Tweede Kamer staat. Het niet uitschrijven uit het Handelsregister kun je overigens het Kamerlid niet verwijten, want dat moet de organisatie doen waar iemand vertrekt.
Er zitten volgens mij nauwelijks zaken bij, die twijfels oproepen over de integriteit van het Kamerlid. Een Kamerlid is verbonden met een vennootschap waarvan tegen zijn voormalige partner een strafrechtelijk onderzoek loopt. Een paar Kamerleden zijn onduidelijk over hun betrokkenheid bij de verhuur van vastgoed. En dat is het wel ongeveer. We mogen dankbaar zijn met parlementariërs, die alleen maar zulke saaie (voormalige) bijbaantjes hebben, dat hun missers zich bijna allemaal beperken tot administratieve fouten. In de USA, Italië of Hongarije zal dat wel anders zijn. Ik ben overigens benieuwd of een Zembla onderzoek naar de leden van de Eerste Kamer net zulke geruststellende resultaten zou opleveren. Daar is belangenverstrengeling bijna ingebakken in de constructie.

Welke lessen kunnen bestuurders en toezichthouders van maatschappelijke organisaties trekken uit dit onderzoek. Ik zie er een aantal:

  1. Zorg dat er in de organisatie eenduidige en begrijpelijke regels voor integriteit zijn (en niet zo’n onleesbaar document als de Tweede Kamer heeft).
  2. Zorg voor duidelijke procedures voor het melden van nevenfuncties.
  3. Om de schijn van belangentegenstelling te voorkomen kunnen er beter te veel dan te weinig nevenfuncties gemeld worden. De discussie, zoals met de Kamerleden over ‘o, ik  wist niet dat dit er ook onder hoorde’ moet zo veel mogelijk voorkomen worden.
  4. Nevenfuncties van bestuurders en toezichthouders moeten vermeld worden in het jaarverslag. Laat jaarlijks checken of deze opgave compleet is.
  5. Zorg dat ook de nevenfuncties van (vooraanstaande) professionals vastgelegd en gecontroleerd worden.
  6. Wees als organisatie zorgvuldig in het inschrijven in en uitschrijven van bestuurders en toezichthouders uit het Handelsregister en het UBO register. Dit in- en uitschrijven is de verantwoordelijkheid van de organisatie en niet van de individuele bestuurder of toezichthouder.
  7. Check als vertrekkend bestuurder of toezichthouder of de organisatie heeft voldaan aan haar verplichting om je uit beide registers uit te schrijven. Gebeurt dat niet, dan kun je als voormalige bestuurder of toezichthouder hetzelfde gedoe krijgen als de Kamerleden uit het Zembla onderzoek. Ook kun je misschien alsnog aansprakelijk gesteld worden als er jaren later iets mis gaat bij die organisatie. Je staat dan immers nog ingeschreven en bent bevoegd, verantwoordelijk en misschien aansprakelijkheid.

Hoeveel bezwaren er ook zijn tegen het Zembla onderzoek, als je geïnteresseerd bent in integriteitsvraagstukken, dan levert dit onderzoek weer interessante inzichten op.

Meer weten over de visie, diensten, werkwijze of mensen van C3?